FNV-voorman wil mes zetten in zelfstandigenaftrek

De nieuwe FNV-voorzitter Han Busker wil het mes zetten in de fiscale voordelen voor zzp’ers, omdat die ertoe leiden dat zij zich tegen te lage tarieven aanbieden en zo de ‘race naar de bodem’ aanjagen. Flexwerk is te goedkoop geworden door de zelfstandigenaftrek en de mkb-winstvrijstelling, en de belastingvoordelen van de zzp’er verdwijnen te vaak in de zakken van de opdrachtgevers, zo bepleit Busker in het eerste interview sinds zijn benoeming afgelopen vrijdag.

‘Het is voor ons logisch dat zelfstandigen duurder zijn dan mensen met een vast contract. Dat zeg ik niet om zzp’ers te schaden, maar om de doorgeslagen concurrentie op arbeidskosten te stoppen. We willen een eind aan de ongelijke behandeling ten opzichte van vaste werknemers. Er zijn overal gaten en achterdeuren in de arbeidsmarkt en als je één fiscale route openlaat, weet je dat alles daarnaar toe gaat. Dus wat ons betreft moeten die routes dicht, ook buitenlandse, fiscale routes om Nederlandse wetgeving te omzeilen. De concurrentie tussen werknemers, zzp’ers en payroll-medewerkers moet afgelopen zijn. Werkgevers moeten ook verantwoordelijkheid nemen’

Kritiek

Het pleidooi van de kersverse vakbondsvoorman komt op een gevoelig moment: FNV voert al maanden moeizame onderhandelingen met werkgeverskoepel VNO-NCW over een gezamenlijke sociale agenda over pensioen, scholing, robotisering en de zzp’er. Het doel is een breed gedragen opdracht voor een volgend regeerakkoord. Busker voert de druk op, door openlijk de fiscale zzp-voordelen ter discussie te stellen die tot nog toe gelden als onbespreekbaar voor werkgevers.

De voormalige FNV-voorman Ton Heerts riep in 2015 nog een storm van kritiek over zich af toen hij in felle bewoordingen pleitte voor inperking. Er ontstond ook commotie bij vakbonden met veel freelancers waaronder FNV Zelfstandigen, die zich distantieerden van hun voorzitter. Heerts bood daarop excuses aan voor zijn woordkeus, en liet het thema sindsdien rusten. Door de zelfstandigenaftrek opnieuw ter discussie te stellen, blaast Busker ook de spanning binnen de FNV nieuw leven in.

Electorale zelfmoord

In politiek Den Haag is het thema tot nog toe taboe gebleken; Nederland telt ongeveer één miljoen zelfstandigen die vijftien Kamerzetels vertegenwoordigen. Het geldt als electorale zelfmoord om tijdens de verkiezingen te pleiten voor afschaffing van de populairste regeling, de zelfstandigenaftrek die de staat circa € 1,6 mrd kost. Linkse partijen waaronder GroenLinks willen wel de mkb-winstvrijstelling (€ 1,8 mrd) schrappen of aftoppen waar vooral kleine ondernemers van profiteren, maar geven daar nauwelijks ruchtbaarheid aan.

Busker kan niettemin rekenen op steun van toonaangevende fiscalisten, topambtenaren en arbeidseconomen. De ongelijke fiscale behandeling van werknemers in loondienst en zelfstandigen hen een doorn in het oog en staat bovenaan de prioriteitenlijstjes in het geval dat het belastingstelsel op de schop zou gaan. De faciliteiten waren in het leven geroepen opdat zzp’ers de ruimte zouden gebruiken voor de oudedagvoorziening en verzekering tegen arbeidsongeschiktheid, maar de voordelen vloeien in de praktijk vaak weg naar opdrachtgevers, zo is de consensus.

Reactie werkgevers

Gelet op controverse is het echter zeer de vraag of werkgevers en werknemers op dit punt tot een akkoord kunnen komen. Busker zegt hoop te putten uit het feit dat er ook vanuit MKB-Nederland stemmen opgaan voor afschaffing van zzp-voordelen, omdat veel kleine ondernemers met een paar man personeel moeten concurreren met hun lage tarieven. Het formele MKB-standpunt is dat de aftrek behouden moet blijven.

VNO-NCW laat in een reactie weten dat de zelfstandigenaftrek belangrijk is voor zzp’ers, omdat ze hiermee de noodzakelijke investeringen kunnen doen en reserveringen kunnen maken. ‘Bovendien kunnen ondernemers geen aanspraak maken op zaken als WW. Zzp’er lopen hogere risico’s dan werknemers.’

Bron: FD

Flexibel dienstverband leidt vaker niet tot een vaste baan

Twee op de vijf mensen in de flexibele schil, vinden binnen vijf jaar een vaste baan. Daarmee is een flexibel dienstverband voor de meerderheid geen opstap naar vast werk.

Dat staat in een woensdag verschenen publicatie van het Amsterdams Instituut voor ArbeidsStudies (AIAS) van de Universiteit van Amsterdam.

Medewerkers zonder vast contract en zelfstandige ondernemers worden tot de zogenoemde flexibele schil gerekend. Het gaat daarbij ook om uitzendkrachten, payrollers en personeel met een contract zonder vaste arbeidsduur, zoals een nulurencontract of oproepcontract.

Onvrijwillig

Van de groep die in 2008 de flexibele schil is ingestroomd, stroomt iets meer dan de helft hier na een jaar weer uit. Van de uitstromers vindt maar één op de drie een vaste aanstelling. En 58 procent van de uitstromers is na een jaar niet meer aan het werk.

Ongeveer de helft van deze niet-werkende uitstromers ontvangt een uitkering. Zij zullen in de meeste gevallen onvrijwillig zijn gestopt. De anderen kunnen vrijwillig zijn gestopt met werken om bijvoorbeeld een opleiding te volgen of voor kinderen te zorgen.

Tussenstap

Na twee jaar zit 30 procent van de instromers nog in de flexibele schil en na vijf jaar nog 8 procent. “Dit betekent echter geenszins dat uiteindelijk de meeste flexwerkers een vaste baan krijgen. Integendeel”, stelt hoogleraar voor arbeidsverhoudingen Paul de Beer van de Universiteit van Amsterdam (Uva) in het rapport.

“Na vijf jaar heeft slechts 39 procent van de oorspronkelijke instroom een vaste baan gevonden.” Zo’n 46 procent werkt niet meer en van deze groep ontvangt iets meer dan de helft een uitkering.

“Voor bijna de helft van de instroom in de flexibele schil is een flexibel dienstverband dus geen opstap naar vast werk, maar juist een tussenstap naar niet-werken.”

Tijdelijk contract

Voor de instromers met een tijdelijk contract is het beeld gunstiger dan voor de hele flexibele schil. “Hoewel van de personen met een tijdelijk contract na een jaar nog minder dan de helft is uitgestroomd, stroomt uiteindelijk praktisch de helft door naar een vaste baan”, aldus De Beer. “Dat duurt overigens wel vrij lang, want na twee jaar heeft nog slechts een derde van hen vast werk gevonden.”

Verder blijven uitzendkrachten relatief kort in de flexibele schil, maar maken zij ook de minste kans op een vaste aanstelling. Na een jaar is 57 procent van deze groep uitgestroomd. Slechts een op de vijf uitstromers heeft dan een vast contract.

Na vijf jaar heeft maar een kwart van de ingestroomde uitzendkrachten een vaste baan en bijna twee derde is dan niet meer aan het werk.

Opleidingsniveau

Verder blijken hoogopgeleiden vaker door te stromen naar een vast dienstverband dan laagopgeleiden.

Na vijf jaar is het percentage hoogopgeleide doorstromers 51 procent. Onder laagopgeleiden is dit percentage 28 procent. Van de hoogopgeleiden heeft 31 procent dan geen baan meer, tegenover 60 procent van de laagopgeleiden.

Het valt de onderzoekers op dat een relatief grote groep hoogopgeleiden, één op de tien, na een jaar een vaste baan krijgt. “Blijkbaar gaat het hier om personen voor wie een tijdelijke aanstelling van een jaar fungeert als een ‘verlengde proeftijd’ voor een vaste aanstelling.”

Groei

De totale flexibele schil is tussen 2003 en 2015 gegroeid van 2,1 miljoen naar bijna 3,3 miljoen mensen. Dit komt neer op 40 procent van alle werkenden.

De groei zat voornamelijk bij contracten zonder vaste arbeidsduur. Dit soort contracten voor bijvoorbeeld oproep- en invalkrachten is sinds 2003 verdubbeld.

Bron: Nu.nl

Wiebes schrapt gunstige regeling huuraftrek voor zzp’ers

Staatssecretaris Eric Wiebes (Financiën) schrapt een maatregel die zzp’ers de mogelijkheid biedt huur af te trekken van de winst. In augustus bepaalde de Hoge Raad dat een zzp’er dit mag doen.

Voorwaarde was wel dat 10 procent van het huurhuis gebruikt zou worden als werkplek. Wiebes maakt nu een einde aan deze regeling, liet hij de Tweede Kamer dinsdag weten.

Nu maakt nog geen 1 procent van de zzp’ers gebruik van deze aftrekpost (kosten circa 20 miljoen euro), maar het kan de overheid op termijn zomaar eens een half miljard euro gaan kosten, berekende de staatssecretaris.

In augustus zegde Wiebes nog toe dat de wet intact zou blijven.

Werkruimte

Nu gaat de staatssecretaris ervoor zorgen dat het verschil tussen een zzp’er met een huurhuis en een met een koophuis verdwijnt. Zij kunnen dan beiden geen kosten van een onzelfstandige werkruimte meer aftrekken.

Voor zzp’ers met een zelfstandige werkruimte verandert er niets.

Bron: ANP/Nu.nl

Belastingdienst krijgt in oktober meldpunt zzp’ers

Zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) kunnen vanaf midden oktober hun problemen kwijt bij een meldpunt van de Belastingdienst.

Het gaat om een online digitaal formulier op de website van de dienst.

Met het meldpunt wil staatssecretaris Eric Wiebes (Financiën) zicht krijgen op onvoorziene en ongewenste effecten van de nieuwe zelfstandigenwet, zo maakte hij woensdag bekend. Hij belooft eventuele knelpunten aan te pakken.

De nieuwe wet moet voorkomen dat zzp’ers schijnzelfstandigen zijn die onder het juk van een opdrachtgever zitten. Opdrachtgevers en zzp’ers kunnen een overeenkomst sluiten als er duidelijkheid nodig is over hun werkrelatie.

Volgens zzp’ers schuilt juist in de overeenkomsten het grootste probleem: bedrijven durven geen opdrachten meer te verstrekken omdat de Belastingdienst sommige contracten niet accepteert.

De Kamer debatteert donderdagavond over de problemen.

Bron: Nu.nl